kopspeuren

Contact:
Telefoon: (0251) 24 48 36
Mobiel: (06) 534 831 62
e-mail: speurneus@hetnet.nl
© copyright:
Speurhonden Instructie School

Actueel

Hier vindt u artikelen uit kranten, tijdschriften en verslagen.

Artikel Drugshonden voor eerste keer offshore ingezet
Artikel

Alternatieve geneeswijze

Alternatieve geneeswijze

Het begon allemaal toen mijn man op een avond met de honden van het laatste rondje terugkwam. Vanuit het halletje klonk gerommel, gebonk en een gil. Het was Sudi, onze ridgeback. Vlak voor de deur liep hij ineens kreupel (rechtsachter) en had pijn. We dachten dat hij zich had verstapt en besloten het een paar dagen rustig aan te doen.

De situatie werd alleen maar erger, hij kon niet lang op zijn achterpoten staan en had veel pijn. Binnen een week zaten we bij de dierenarts. Die constateerde dat zijn rechterachterpoot traag op pijnprikkels reageerde, zijn nagels waren hier ook iets meer afgesleten dan van zijn andere achterpoot, wat erop duidde dat er al een langere tijd iets aan de hand was. We besloten foto’s te laten maken. Ik bracht Sudi ’s morgens om 9.00 uur heen en zou hem om 14.00 uur weer ophalen. Echter om 11.00 uur werd ik al gebeld of ik hem wilde komen halen want hij had veel stress, de foto’s waren al gemaakt. Deze gaven geen uitsluitsel, hierop was niet te zien wat het probleem veroorzaakte. De dierenarts vermoedde een neurologisch probleem achter in zijn rug ongeveer ter hoogte van het heiligbeen. Nu hadden we 2 mogelijkheden: doorgestuurd worden naar een orthopeed in Amsterdam of pijnstillers. We kozen voor het laatste. Al die onderzoeken, een eventuele operatie, herstelperiode en weken benchrust zagen we niet zitten. Daarnaast was er natuurlijk ook een kans dat het niet operabel was en dan was het een aflopende zaak. Sudi wordt begin september (2009) 9 jaar, we wilden hem dit niet aandoen. Dus pijnstillers. Alleen … deze leken niet te helpen. Misschien een beetje maar niet merkbaar. Het ging alleen maar slechter. Sudi kon nog geen 100 meter lopen, sleepte het laatste stuk zijn achterhand gillend van de pijn naar de voordeur en vervolgens naar zijn kleedje, wist dan niet hoe en waar hij moest liggen van de pijn. Het duurde dan ongeveer een uur voor hij weer wat rustiger werd en wat gemakkelijker kon liggen. Het was afschuwelijk. Vanaf dat moment kwam hij de deur niet meer uit, deed zijn behoefte in de tuin, at slecht en lag alleen maar op zijn kleedje.

Uiteraard konden de speurtrainingen niet meer door gaan en belde ik Oldenburg (speurhondentrainer) om over Sudi zijn situatie te vertellen. Hij raadde mij aan Sudi “door te laten meten” door Stella en hij gaf mij haar telefoonnummer. Geen idee wat dit betekende maar wij wisten het niet meer (in gedachte was ik al een beetje afscheid aan het nemen) dus belde ik Stella de Vries en heb de situatie uitgelegd. Ze begreep direct dat dit een spoedgeval was en we konden de volgende dag terecht.

Stella ging Sudi inderdaad “doormeten” met een Lecher-antenne. Sudi werd behandeld met Shiatsu Therapie, acupunctuur (niet alleen naaldjes maar ook acupunctuurzalf en japanse naalden) en homeopathische middelen. De plek van de naalden en de zalf worden bepaald door de meting met de Lecher-antenne. Ook de homeopathische middelen worden gemeten of die nodig zijn. Hoe alles precies werkt is heel lastig uit te leggen. Op de website van Stella staat o.a. de Shiatsu Therapie uitgelegd en op de website van de “praktijk voor holistisch dierengeneeskunde in De Bilt” wordt o.a. het gebruik van de Lecher-antenne uitgelegd.

Ook Stella haar conclusie uiteindelijk was een stenose ter hoogte van het SI-gewricht, wat inhoudt dat Sudi een vernauwing in zijn rug heeft waardoor zijn ruggenmerg niet goed stroomt met als gevolg neurologische klachten in de achterhand. Daarnaast had hij een blokkade in verschillende meridianen. Je kunt je voorstellen dat wanneer hij dus al langere tijd een steeds erger wordende pijn in zijn rug heeft hij anders is gaan bewegen wat op andere plekken in zijn rug ook weer pijn heeft veroorzaakt. Chronische pijn zul je niet zo heel snel aan je hond merken, tenminste bij Sudi niet, immers de pijn is sluipend meer geworden en nog belangrijker het komt vanuit hemzelf.

Onze eerste afspraak was begin februari. Het is nu eind april en we zijn 6 keer bij Stella geweest met als resultaat dat we zo goed als pijnvrij weer 4 keer per dag een blokje om lopen, de blokjes om worden steeds groter en we zitten nog steeds in een stijgende lijn. Sudi zelf wil wel meer hoor, hij is weer helemaal blij, maar alles moet geleidelijk aan weer worden opgebouwd. Hij krijgt momenteel nog 2 homeopathische middelen waarvan we er 1 langere tijd zullen blijven gebruiken, namelijk het maagcompositum, want de pijnstillers waren een aanslag op zijn maag. Daarnaast krijgt hij ook vaker versvleesvoeding wat zijn maag erg goed doet.

De behandelingen heeft Sudi als zeer prettig ervaren. Natuurlijk niet de eerste keer dat was hartstikke spannend, maar vanaf de derde afspraak wilde hij zelf de behandeltafel opstappen en viel tijdens de behandelingen in slaap. Wat is er nou fijner voor je hond dan slapend genezen!

Ik ben blij dat er naast de reguliere geneeswijze, de alternatieve is en dat ik hier op ben gewezen. Zelf had het niet in me opgekomen naar een holistisch therapeut te stappen simpelweg omdat ik er niet bekend mee was. Tja en waar waren we dan gestrand?
De vernauwing in zijn rug is natuurlijk mechanisch en zal niet weggaan (dit kan alleen maar erger worden), maar Sudi zijn energiebanen lopen nu weer ‘gesmeerd’ en houden hopelijk zijn gestel op orde zodat hij zonder pijn en last nog een paar jaartjes in ons midden is. En om de 14 dagen nog een spoortje kan lopen met mij, van een ½ uur bij de Speurhonden Instructie School.

De volgende websites wil ik echt even vermelden:
www.stelladevries.nl omdat zij Sudi zo goed heeft behandeld;
www.holistischdierenarts.nl vanwege de uitleg;
www.speurhondeninstructieschool.nl vanwege de gouden tip.

Marleen Diemeer


Het nieuwe leventje van Kim

Het nieuwe leventje van Kim – deel 1

Dit wordt een verhaal van een jonge Mechelse Herder die na een slechte start een herkansing krijgt. Het wordt een uitdaging om te kijken hoe ver we een getraumatiseerde hond van 9½ maand weer zeker van zichzelf kunnen krijgen en lol in het leven schenken.

Zondagmiddag haalde ik de hond “op zicht” op in Dronten om haar de volgende dag voor te stellen aan Cor. Het was heel moeilijk om niet meteen te binden daar het een zeer lief en mooi hondje is. Ik moest wel de realiteit in acht houden dat, wanneer de hond niet zou kunnen voldoen aan de eisen om speurhond te worden, onze wegen weer zouden kunnen scheiden.

Maandag half 12 had ik de afspraak met Cor en was er ruim op tijd om de hond ieder geval alvast de gelegenheid te geven om de andere (nieuwe) geuren tot zich te laten nemen.

Cor was snel met zijn bevindingen: hond was zeer getraumatiseerd wat zich in vele opzichten zich uitte. Ook Cor was van mening dat het een “niet lelijke hond” is en zag wel mogelijkheden. Maar, voordat ze zover zou zijn om iets te kunnen presteren zou ze een hele lange “revalidatie”weg moeten bewandelen, van zeker wel een jaar al dan niet langer, waar heel veel tijd en geduld de belangrijkste sleutels van zijn. We kwamen tot de conclusie dat we deze “uitdaging”de moeite waard vonden en Kim (voorheen heette ze Kira) was een volwaardig lid van onze familie geworden! De naamswijziging vond ik persoonlijk erg belangrijk om 2 redenen: 1. Ben ik van mening dat de slechte start vergeten moet worden en dus ook de naam die daaraan gekoppeld is en 2. Ik het type ben die snel geneigd is om namen af te korten tot 1 lettergreep. Ik zag me niet zo 1,2,3 staan in de duinen luid roepend: KIER!!!!! Ging me iets te ver……….. dus Kim was geboren.

Terug thuis haalde ik mijn dochtertje van school op en gingen we wandelend met Kim naar de dierenwinkel waar we voor haar een nieuwe halsband gingen halen. We kozen uiteindelijk voor een mooie brede bruinleren halsband gemaakt van het zachtste leer dat er maar op de wereld bestaat. Nu nog een mooie riem, maar die komt nog wel. Met haar nieuwe halsband meteen om gingen we nog even langs het strand om haar vervolgend thuis haar 1e echte “honden”maaltijd te geven van rauw vlees. Wat smulde ze hier van!

Volgende week de eerste gehoorzaamheidsles. Ben benieuwd hoe die gaat verlopen. Tot die tijd lopen we veel en vaak om haar zo snel mogelijk de geuren van haar nieuwe omgeving eigen te laten worden.

Rosalinda Weber

Het nieuwe leventje van Kim – deel 2

Kim is alweer 2 weken bij ons en het lijkt alsof het nooit anders is geweest (alhoewel?!). We hebben al 2 lesjes achter de rug. Het zijn lesjes van een half uur want meer kan Kim (nog) niet aan. Zodra er maar iets teveel gevraagd wordt van haar dan uit dat zich in stress (opspringen, happen, etc.) dus zoals Cor het zegt: het worden echt HELE kleine stapjes die we nemen met haar. Het belangrijkste is om haar enthousiast te maken en te houden voor het zoeken en apporteren van objecten. Wanneer je dit aan haar vraagt gaat het ongeveer 10 minuten goed. Zo lang kan ze haar aandacht erbij houden. Meer kan ze nog niet verwerken. Mijn man zou zeggen dat ze nog geen frikandel in een friettent zou kunnen vinden, maar ach, ik heb het volste vertrouwen. Dit zag ik ook bij mijn eerste hond en die ging helemaal tot aan het einde aan toe als een trein! Ik moet wel ontzettend wennen aan dat ik een jonge hond heb. Ze mag dan wel al aardig aan de maat zijn, maar we mogen niet vergeten dat ze nog maar een baby is van inmiddels 10 maanden. Ze zit nu of net in of pal tegen de 3e angstfase aan, want ze is zelfs bang voor haar eigen schaduw. Hier moet zij goed doorheen geloosd worden. Dus naast dat ze een slechte start had bij haar vorige eigenaren en nu bij mij (eigenaar nr.3!) ieder geval haar rust kan vinden, ben ik van mening dat ze het nog niet eens zo gek doet als je nagaat wat ze allemaal te verduren heeft gekregen in haar korte leventje.

Nu hadden wij vroeger thuis ook honden en ook wel eens puppies, maar dat was toch heel anders dan een hondje met een verleden. Niet alleen Kim leert veel, ik ben automatisch ook in een spoedcursus gevallen.

Het rauwe voer wat ze krijgt vind ze helemaal het einde en staat verlekkerd te kijken bij onze konijnen! Al binnen 2 weken zie je al een behoorlijk verschil in haar vacht. Zachter, diepere glans en de geur begint ook bij te draaien. Naast het rauwe voer krijgt ze ook kruidenmix (wij noemen het hier thuis koeienpoep met kruiden! – zo ruikt het en dat is het ook eigenlijk), wat bodyguard en Trias Omega olie. Doordat het lichaam dit voer optimaal verbrand houd je heel weinig ontlasting over. Heel wat anders als dat je met brokken hebt!

Inmiddels heeft ze een mooie riem gekregen waar niet alleen zij heel blij mee is maar ik ook! Verder wordt ze overspoeld met speeltjes. Wist niet dat er zoveel voor honden te krijgen was. Mijn vorige hond was niet zo op speeltjes; zij was meer de “no-nonsense” type hond die liever aan het werk was of genoot van een lekkere lange wandeling. Moet er nog goed aan denken dat ik nog niet te lang met Kim op stap kan, daar de wandelingen per maand met 5 minuten verlengd mag worden.

Rosalinda Weber

Het nieuwe leventje van Kim – deel 3

Wanneer je merkt dat je hond zo snel spanning opbouwt en nog niet eens een half uur met haar neus bezig kan zijn, kan je jezelf niet helpen afvragen of dit nog wel goed komt. Want voor een hond professioneel ingezet kan worden gaat er dus echt heel wat aan vooraf. En aangezien dat toch wel iets is wat ik als doel heb, zit ik dus best wel meer dan eens achter mijn oren te krabben. Maar goed, we zijn iets aangegaan en nu gaan we er maar voor…..

3e Les - woensdagmiddag Tussenwijck: Op mijn verzoek een gehoorzaamheidslesje. Het is zo gek dat wanneer je dezelfde lessen jaren geleden met je vorige hond hebt gehad, het zo snel uit je systeem verdwijnt wanneer de praktijk direct op je hond aanslaat en vervolgens als een 2e natuur hiermee omgaat. Dit moet allemaal weer bij mij opgerakeld worden zodat ik dat weer toe kan passen op Kim. Kom ik aanzetten met een slipketting en kreeg meteen al het boze oog van Cor. Oké ik begrijp het; niet bij jonge honden dus! Gewoon kwestie van een andere inwerking van de riem/halsband en ja hoor, de klus is geklaard en Kim loopt als een zonnetje naast me. Wel was het Cor snel duidelijk dat ik tijdens de wandelingen de bijtring mee moet nemen om haar te leren op deze te bijten in plaats van de riem. Deze ring gaat nu (bijna) altijd mee zodat wanneer de spanning weer hoog raakt, ze haar stress kan wegbijten en makkelijker te hanteren is. Verder had ik mijn bedenkingen over het vuurwerk. Mijn vorige hond kroop de eerste oud en nieuw dat ze bij ons was zowat onder het tapijt door van angst. Dit werd in de loop der jaren gelukkig veel minder tot bijna nihil. Maar met de eerste keer van mijn vorige hond nog vers op mijn netvlies gingen we testen hoe Kim op knallen zou reageren. Cor zijn wapenarsenaal mee en als een volleerd commandostrijder deze afvuren. Kim had er niet veel van……. Nu maar hopen dat het met oud en nieuw ook zo zou gaan. Ieder geval had ik weer stof om over na te denken en een berg huiswerk.

Rosalinda Weber

Het nieuwe leventje van Kim – deel 4

Zaterdagochtend krijg ik een Sms’je of ik het tuig en lange lijn niet wil vergeten. Alsof ik dat zou vergeten!!! Ligt standaard altijd in mijn auto, ha, ha! Half 10 les in de duinen. Ik ben daar op tijd en doe Kim het tuig om. Cor jr. is er ook. Ben benieuwd wat de bedoeling is, daar ik nog steeds ingesteld ben op spelenderwijs Kim enthousiast maken voor voorwerpen. Afijn, we liepen naar de duiningang waar Cor jr. van Cor de opdracht kreeg om Kim geur te geven. Kim rook en ging in ene heel strak staan op Cor jr. toen deze weg liep. Na een meter of 10 riep Cor jr. haar naam nog even en …… ik weet zeker dat haar oren nog een centimeter zag groeien! Wat stond ze daar mooi! In ene ging haar neus richting de grond en Cor gaf mij het groene licht om de lange lijn te laten vieren. Ik weet niet eens meer of ik haar het “zoek”commando heb gegeven, maar stond met stomheid verbaasd te kijken en vergat bijna mee te lopen. Als een volleerd speurhond ging haar neus op het spoor en liep deze in één keer uit tot Cor jr. Kon mijn ogen niet geloven! Wel keek ze een aantal keer om, voor bevestiging te krijgen of het wel goed was wat ze deed. Uiteindelijk moest ze nu eigen initiatief tonen wat haar – gezien haar onzekerheid – waarschijnlijk nooit eerder is gevraagd. Wat was ik trots op haar! Zou al het geduld dan nu toch zijn vruchten af gaan werpen? Hierna nog 2 spoortjes gelopen en het half uur zat er al weer op. Ik denk dat ik mentaal iets meer uitgeput was dan Kim. Er gebeurde zo veel: voor het eerst echte sporen volgen; een jonge onzekere hond die haar eerste stappen zette in de volwassen serieuze wereld van het speuren; totaal andere mimiek om “te leren lezen”; totaal ander tempo. Wauw! Als ik met mijn vorige hond maar een half uur les had dan hadden we allebei zoiets van: nou, nou, is dit nu alles??? En waren we nog niet eens warm gelopen. Nu met Kim ervaar ik dit heel anders. Moet zoveel weer opnieuw/anders leren…… Heel stiekem vraag ik me al even af wanneer we voor level 1 kunnen, maar deze gedachte verdwijnt direct weer wanneer ik van mijn roze wolk afval en met beide beentjes weer op de aarde sta.

‘s-Avonds vertel ik thuis alles hoe het gegaan was die ochtend en hoe trots ik op haar ben. Ik kijk schuin naar beneden en zie Kim half hangend/leunend tegen de benen van mijn man. Verbeeld ik me het nu of zie ik haar angstige en onzekere blik die altijd in haar ogen lag vervangen worden door een bijna zekere en voldane blik. Gaat het nu eindelijk gebeuren?

Rosalinda Weber


Het nieuwe leventje van Kim – deel 5

Dinsdag 2 december: stress in de tent. Kim’s temperatuur gemeten en ja hoor 39,7°. Dierenarts gebeld en kon er ’s-middags direct terecht. Na haar furore afgelopen zaterdag als speurhond had ze verhoging. Begin van de middag meette ik 39,4°; later op de dag zakte dit met 0,2° en voor haar laatste wandeling was het dit ook weer gestegen. Besloot de volgende ochtend af te wachten. Gelukkig was het zondagochtend gezakt tot 38,7° en later die dag nog 0,3° gezakt. Haar indruk was weer prima en vol leven. Maar voor korte duur. Dinsdagmiddag zaten we dus bij de dierenarts. Na grondig onderzoek kon ze er niets anders van maken dan een virale infectie die een comeback had. Dit alles had een behoorlijk inpact op haar gehad. Ze is al een rank meisje zonder een grammetje vet en is door deze toestand (geen trek meer om te eten) ruim 1,2 kilo in gewicht verloren. Gelukkig zat dit er binnen een week weer aan.

Donderdag zaten we om half 10 in het duin. Dit keer zou ze op de geur van Cor moeten lopen. Was erg benieuwd, want dat zou betekenen dat ze toch wel snel door zou moeten krijgen dat het niet uitmaakt welke geur je volgt om beloond te worden. En ja hoor, zonder probleem. De eerste keer iets meer bevestiging aan mij vragen, maar de 2e en 3e spoor toonde ze nog meer initiatief. Wat zijn dit goede “egoboosters” voor haar!

Die dinsdagochtend daarop hadden we ook weer les in de duinen. De sporen werden iets meer verlengd en ook wat ouder gemaakt. Dit gaf Kim weer stof tot nadenken. Het is zo’n mooi gezicht om een hond te zien die bezig is om die stoffige grijze massa tussen de oren tot werken te zetten. Wanneer door een toevallige misstap een meter geur later weer opgepikt wordt en het puzzelstukje uiteindelijk weer op zijn plaats valt en een tevreden blik van je hond de uitkomst is, dan kan je dag niet meer stuk. Wel heb ik heel sterk het gevoel dat ik nog heel veel moet en zal gaan leren door en voor haar.

Rosalinda Weber


Werkstuk Thomas Lute


U kunt het werkstuk van Thomas Lute hier downloaden (2,1MB) als pdf bestand (te bekijken in Acrobat Reader)


Speuren met een gehandicapte hond


Speuren met een gehandicapte hond

gehandicapte hond speurenReeds jaren zijn mijn man en ik met onze Groenendaelers actief in de hondensport. Ik deed vooral G&G en tegenwoordig ook IPO en speuren. Mijn man loopt met dezelfde honden Agility. Zo ging het ook met Sicco, onze reu van nu 6 jaar oud. Twee avonden per week trainde hij met mij en twee avonden met mijn man. In het weekend moesten we soms kiezen wie de hond mee kreeg, omdat de G&G- en Agility-wedstrijden af en toe samenvielen. Vorig jaar kwalificeerde ik me met Sicco voor het Nederlands Kampioenschap G&G2 en hij haalde zijn G&G3-diploma met een uitmuntend. In de Agility ging het ook voortvarend: Sicco liep in de B2 en zou gepromoveerd zijn naar de C als het noodlot niet had toegeslagen. Op een dag liep hij mank en bleek de banden van zijn linker knie geblesseerd te hebben. Toen dat eindelijk beter ging, liep hij ineens rechts te manken en dat ging niet over. Hij bleek zijn kruisbanden finaal afgescheurd te hebben. Een operatie volgde. Daarna kwamen 6 zware weken met strikte lijnrust. Om hem rustig te houden moesten we hem in een puppieren opsluiten. Na revalidatie leek alles weer de goede kant uit te gaan en begonnen we weer langzaamaan met sporten. Dat was maar goed ook, want dat niks doen ging Sicco niet in zijn koude kleren zitten. Hij is een hond die zeer graag werkt. Door het lange niks-doen werd hij ongedurig en reageerde zich ook vaker af op onze andere reu. Toen hij dan ook eindelijk weer wat mocht doen, was hij super-enthousiast. Helaas voor hem was de pret van korte duur. Het sporten bleek toch te zwaar voor hem. Hij had teveel moeite met de sprongen en tikte daardoor regelmatig latjes. Dus maar weer naar de orthopeed. Daar bleek dat hij ook in andere gewrichten slijtage had en ons werd afgeraden om nog verder te gaan met Agility. Omdat hij ook veel moeite heeft met gaan zitten en liggen, moesten we ook zijn G&G-carrière beëindigen.
Tja, en dan zit je met een hond van 6 jaar jong, eigenlijk in de kracht van zijn leven, die bruist van de werklust. Wat kun je zo'n hond nog bieden? De oplossing is: praktijkspeuren. Sicco blijkt dat zeer goed op te pakken. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is volgt hij het spoor, negeert alle fietsers en trimmers en vindt "zijn" man. Het stukje worst wordt in dank aanvaard, maar eigenlijk is het speuren op zich al zo zelfbelonend voor hem, dat ik denk dat hij zonder die worst net zo enthousiast zou speuren. Zoals met alles maakt hij er een wedstrijd van en scheurt in hoog tempo door het bos. Aanvankelijk had hij op moeilijke kruisingen nog sterk de neiging om aanwijzingen bij mij te zoeken (dat is zijn G&G-achtergrond), maar hoe beter hij snapt wat hij moet doen, hoe meer hij zelf ook de problemen oplost. Na een uurtje speuren ligt hij volkomen op apegapen, maar hij is dan ook zichtbaar voldaan.
Omdat ik slechts één keer per 4 weken naar Heemskerk ga, is dat natuurlijk geen vervanging voor de 4 à 5 keer per week die Sicco voorheen met hondensport bezig was. Thuis speur ik daarom ook met hem. Dan richt ik me vooral op het sportspeuren, omdat ik dat met onze andere honden ook doe. Aanvankelijk snapte hij niet goed wat hij op dat veld moest doen, maar dit gaat nu steeds beter. Wel loopt hij voor sportspeuren met een te hoge neus. Dat mag van mij, want ik vind het onzin een hond te dwingen geur te halen vanaf de grond als die geur ook op neushoogte in de lucht zweeft. Bij sportspeuren moet de hond voorwerpen verwijzen. Dat mag op meerdere manieren, maar ik laat hem de voorwerpen apporteren. Allereerst hoeft hij dan niet te gaan liggen, wat hij met zijn zere poot niet graag doet. En verder vindt hij dat gewoon leuk, dus vormt het en extra stimulans om de voorwerpen te vinden.
Speuren, en dan vooral het praktijkspeuren, is voor Sicco een prachtige alternatieve activiteit om zijn werklust in kwijt te raken. Zo kun je een lichamelijk gehandicapte hond, die in zijn kop nog altijd een topsporter is, toch dat stukje voldoening bieden dat hij zo broodnodig heeft.

Tekst: Thea Fiks
Foto: Twanneke Hertsenberg


Speuren met een blinde hond


Speuren met een blinde hond

blinde hond speurenIk train bijna 2 jaar met mijn blinde hond van bijna 12 jaar en we kunnen samen een spoor van ruim 5 minuten oud goed uitwerken. Wij trainen in de bossen, zodat mijn hond hoog speurt, d.w.z. op de windbanen zoeken. Speuren met ziende en blinde honden is in principe hetzelfde. Elke hond kan leren speuren en is ook geschikt voor de oudere hond. De hond moet het wel leuk vinden. Mijn hond vindt het fantastisch. Zijn conditie is verbeterd en hij heeft meer zelfvertrouwen gekregen. Ik leer zijn lichaamstaal “lezen”, zodat ik direct kan anticiperen. Zo vormen wij samen een team. Mijn hond speurt op menselijke lucht en om hem zover te krijgen is oefenen, ook thuis, noodzakelijk. Ook hier geldt: geduld.

Tekst en foto: W. Edens














Krantenartikel 'Honden redden drenkelingen'


artikel


Krantenartikel 'Dieven ruilen speurhond in'


artikel


Krantenartikel 'Geurproeven politie ongeldig'


artikel


Krantenartikel 'Speciale honden arrestatieteams'


artikel


Krantenartikel 'Experiment politie met stille drugshond'


artikel


Even een kort verhaaltje over een (speur)hond.


Even een kort verhaaltje over een (speur)hond.

foto DonnaDonna is een blonde Labrador van inmiddels 11 jaar. Toen wij Donna kregen was zij ruim 4 maanden oud. Zij was onze eerste hond dus we hadden zo iets van we moeten meteen maar naar een gedrag- en gehoorzaamheidscursus en dat was een goed plan.

Zo zijn wij terecht gekomen bij de speurhonden instructieschool van Cor Oldenburg en dat is inmiddels bijna 11 jaar geleden. Nou dat viel nog niet mee met al dat opgroeiende spul bij elkaar maar het duurde niet lang of je bent er gewoon aan verslaafd om elke week naar de training te gaan. Al dat plezier wat je er beleefd met die gekke puppen en later pubers. We hebben er zoveel geleerd (vooral de baasjes) en uiteindelijk hebben we toch 3 diploma’s gehaald voor gedrag en gehoorzaamheid.

Daarna was het niet moeilijk om over te stappen naar het speuren want een Labrador zit het liefst met zijn neus op de grond of in de lucht. Dus heeft Cor ons het speuren bij gebracht (Donna had het eerder door dan het baasje) maar we doen het puur voor het plezier en om lekker bezig te zijn en blijven. Uiteindelijk toch ook hier weer 2 certificaten gehaald. Omdat Donna nu 11 is gaat het niet meer zo hard maar om nu achter de geraniums te gaan zitten is ook niet de bedoeling dus zo blijven we 1 x in de 2 weken een uurtje speuren bij Cor en zo blijft Donna een fitte hond en het baasje ook.

Dus ook met een hond op leeftijd kan je nog steeds actief blijven en voorlopig gaan we gewoon door met speuren.

Sissy Paardekooper

Ik speur, hij speurt, wij speuren


Ik speur, hij speurt, wij speuren.

Speuren bij de Speurhondeninstructieschool, hoe ben ik daartoe gekomen, dat is een heel verhaal.
Opgegroeid ben ik in een omgeving vol Herders, hiermee werd onder andere KNPV en IPO getraind.
Jaren later kwam ik volkomen onverwacht in aanraking met het fenomeen Beagle, ik kreeg er min of meer één in de schoot geworpen.
Een hond uit "minder goede omstandigheden" om het maar zo te zeggen,waar ik mee aan de slag ging (ik ben gediplomeerd gedragstherapeut) en die zich uiteindelijk ontwikkelde tot een geweldige kameraad en behoorlijk werklustig type.
Al vrij snel was ik erg onder de indruk van zijn reukvermogen, iets totaal anders dan ik gewend was.
Zelf ging ik aan de slag met simpele sorteer en zoekspelletjes die hem allemaal zo makkelijk afgingen dat ik die neus graag écht aan het werk wilde zien.
Ik kon mij herinneren dat ik ooit een artikel had gelezen over een speurschool speuren, sorteren en zoeken had gelezen.
Via via liep ik weer tegen dat artikel en het telefoonnummer van de Speurhondeninstructieschool aan.
We zijn gewoon begonnen, niet te fanatiek, rustig aan.
Maar dat is uit de hand gelopen.
Intussen zijn we verslaafd én fanatiek.
De oudste speurt door lichamelijke oorzaken nog maar weinig, maar sinds ongeveer een jaar ben ik aan de slag met de jongste.
Begonnen toen hij zo’n 8 weken oud was en het is een klein talentje.
Zelf vond ik het geweldig om te zien hoe ongelofelijk snel zo’n klein ventje zich ontwikkeld tot een echt fanatieke speurneus die héél goed weet waar hij mee bezig is en geweldig geuronderscheid maakt.
Het speuren en alles daaromheen is iets geworden waar ik niet over uitgesproken raak en waar ik het liefst nog véél meer tijd aan zou willen besteden, maar het allermooiste is om te zien hoe ontzettend gek mijn honden ervan zijn, niet te stuiten!
Dat is en blijft het meest belangrijke criterium, als mijn honden niet zelf ergens warm voor lopen en ik kan ze daarin niet motiveren dan kunnen we niet goed samenwerken en gaat het hele feest niet door.
Zeker bij het speuren moet je als team kunnen werken en op elkaar vertrouwen.

Hotsche Luik
Alpha-gedragstherapeut

HL & HONDEN kynologisch adviesbureau


Speuren met een Rhodesian Ridgeback


Speuren met een Rhodesian Ridgeback

Graag wil ik wat vertellen over het speuren met mijn Rhodesian Ridgeback Sudi, een reu van 2,5 jaar. De ogenschijnlijke tegenstelling van de RR dat hij zelfstandig opereert en dingen samen met je wil doen, worden in het speuren verenigd. Hierna geef ik wat achtergrondinformatie over het speuren zelf en leg ik uit hoe ik zo ver met Sudi ben gekomen.

Methoden
Er zijn verschillende speurmethoden, zoals o.a. het speuren volgens de SPH, IPO of VH normen. Naast het sportspeuren is er het praktijkspeuren waarbij gewerkt wordt met technieken en methoden uit verschillende disciplines.
Het verschil tussen sport- en praktijkspeuren is dat binnen de sport men zoveel mogelijk punten wil halen. De hond moet met zijn neus zo dicht mogelijk aan de grond speuren en een hoek moet perfect worden genomen. De plaats van het speuren is op weilanden en akkers.
In de praktijk wordt verwacht dat de hond het uiteindelijke doel behaalt (dus de persoon/spoorlegger vindt). De hond hoeft niet met zijn neus aan de grond te lopen en een hoek mag worden overlopen. Er wordt gespeurd in alledaagse situaties zoals de stad en bossen, waar dus constant mensen, andere honden en dieren, fietsers, enz. het uitgelegde spoor doorkruizen. Wat ik doe met Sudi is praktijkspeuren.

De neus
De oppervlakte waarop zich bij de mens de reukcellen in het slijmvlies bevinden bedraagt ongeveer 4 cm2. Middelgrote honden hebben gewoonlijk zo’n 90 cm2 reukslijmvlies. Daarnaast is de inrichting en bouw van het reukcentrum in de hersenen van de hond veel beter dan bij de mens. Je kunt zo wel nagaan dat de hond dus vele malen beter ruikt dan de mens.
Een hond kan in 1/10 sec. waarnemen uit welke richting de lucht komt.
En hier willen we dus gebruik van maken, zijn neus moet onze neus worden.

ridgebackfotoGeuren van het spoor
Een spoor kan gelopen worden over verschillende ondergronden zoals gras, zand, klinkerstenen, asfalt. Op klinkerstenen zul je veel minder lucht hebben van de kneuzingen van de ondergrond (gras, plantjes, takjes, diertjes) dan op gras.
Daarnaast is er de geur van de spoorloper, lichaamsgeur, zweet, huidschilfers.
Een rol hierbij speelt de "oudheid" van het spoor. Is een spoor 1 minuut geleden gelopen dan zal de lucht van de spoorloper nog in de lucht hangen. Bij een spoor van 3 uur oud dan zal dit veel minder zijn. Daarentegen zal de lucht van de kneuzingen van de ondergrond na 1 minuut anders zijn dan na 3 uur, de rottingsbacteriën zijn inmiddels aan hun werk begonnen.
Vochtigheid en temperatuur zijn ook van groot belang. Vochtig gras bij 12 graden Celsius houdt lucht veel beter vast dan droog zand bij -5.

Teamwork
Speuren is werken met de hond als een team (hij ruikt tenslotte heel veel beter dan wij). De hond kan wel erg goed ruiken maar hij moet nog wel leren geuren te onderscheiden en sporen uit te werken. Daarom is het heel belangrijk dat je de hond leert lezen, dat je aan hem ziet waar hij het spoor ruikt, of dat hij twijfelt of het spoor kwijt is. Hierbij moet jij rekening houden met tal van factoren (hij kan dit natuurlijk niet). Weersomstandigheden (regen, sneeuw, zon, kou warmte), wind (verwaaiingen maar ook draaiingen van de wind), maar ook de fysieke toestand van de hond (offday) of afleidingen (wandelaars die passeren of zelfs het spoor kruizen).

Ruud Haak:"Over het algemeen worden de mogelijkheden van de hond voor het grootste deel bepaald door de beperktheid van de geleider."

De praktijk
Het spoor wordt in duin/bos gelopen (bij hogere "levels" wordt overgegaan op meer verharde ondergrond, in de stad en uiteindelijk zelfs in het donker).
Aan het begin van het spoor ligt een startlapje met de geur van de spoorloper (dit lapje heeft de spoorloper gewoon een tijdje in z’n zak gehad). De spoorloper loopt een spoor (de afstand is afhankelijk van hoever de hond is en op dat moment aankan), legt onderweg 2 voorwerpen neer en wacht op het eindpunt. Het communicatiemiddel tussen hond en baas is de speurlijn (10m). De hond neemt de geur van de spoorloper op via het lapje, moet onderweg de 2 voorwerpen minimaal duidelijk aantikken en uiteindelijk de bij spoorloper uitkomen.

Speurende Sudi
Sudi is een ridgeback die niet van speeltjes houdt. Geen balletjes niks. Een enkele keer houdt hij eventjes iets in zijn bek en een houtje wordt het liefst tot gort gekauwd. Hij is alleen te trainen met voer. Daarnaast is het een hond (zoals vele ridgebacks), die iets niet leuk meer vindt als je het te vaak doet, het te moeilijk is of het te makkelijk is. En toch is het gelukt hem het speuren leuk te laten vinden (soms steigert hij in z’n speurtuig, die overigens in het begin heel eng was). Hij verwijst 2 voorwerpen op het spoor (jawel 2 stokjes) en is heel trots wanneer hij de spoorloper uiteindelijk heeft gevonden. Wie had dat gedacht. Het is zo mooi om hem aan het werk te zien groeien in zijn kunnen. Fantastisch!!!
Maar, let wel: Alles staat of valt bij de juiste training, zonder dwang!

Je begint met een spoor van een paar meter, waar op het eind een voorwerp ligt met hierin voer (b.v. een hol houtje, een madenbakje of een opengesneden tennisbal). Dit bouw je steeds verder uit. Je hoeft natuurlijk geen voer te gebruiken als je hond helemaal gek is van een balletje of iets anders. Je moet in ieder geval zo trainen dat wat hij doet geassocieerd wordt met leuk. De spoorlegger geeft af en toe (na vondst) een stukje worst (niet altijd). En thuis ben ik gaan oefenen met holle houtjes waarin een stukje voer zit te verstoppen in de tuin. Het stukje voer valt, bij aantikken, gemakkelijk uit het houtje. Het houtje is dus zodoende geassocieerd met leuk/lekker. De houtjes op het spoor zijn niet hol, maar zodra Sudi aangeeft dat hier de lucht van de spoorloper aanzit (dit zie je dus aan zijn houding en manier van doen) dan ga ik snel naar hem toe, maak er een feest van, prijs hem hoe goed hij is en geef hem een brokje. Nu zou Sudi geen ridgeback zijn als tijdens de gewone wandeling alle houtjes die er hetzelfde uitzien als de speurhoutjes in het voorbijgaan even worden gecheckt. Missie geslaagd, alleen weer een beetje overdreven misschien.

Speuren is geestelijk heel vermoeiend. En wat is er nou mooier om je hond na een uurtje speuren (als hij het uur al redt) heerlijk tevreden op z’n kleedje in een vaste slaap te zien liggen. Moe van het werk.

Ik ben met Sudi zo ver gekomen dankzij Cor Oldenburg die veel ervaring heeft in het opleiden van speurhonden. Iedereen die nieuwsgierig is geworden en graag meer wil weten over speuren kan zijn speurtocht beginnen op www.speurhondeninstructieschool.nl of bellen met Cor
0251 244143 of 06 53483162.

Marleen Diemeer

Hond herkent verdachte


krantenartikel1

Kadaverzoeken


Kadaverzoeken

Sinds enige tijd train ik mijn reu Remy (I Am Lisa’s Son from Bonnie’s Clan) in het kadaverzoeken. Ja inderdaad, lijkenlucht. Deze honden worden ingezet wanneer het vermoeden bestaat dat er ergens een stoffelijk overschot ligt, bv na langdurige vermissing.
Nu is dat niet zo bekend; veel eigenaren die het speuren beoefenen, kiezen voor het speuren menselijke lucht of voor het reddingswerk. Daarom vond ik het leuk om eens te laten zien hoe kadaverzoeken in zijn werk gaat.
Ik zal bij het begin beginnen.

Remy is geboren op 16 februari 2002 bij onze vriendin. Op 4 weken leeftijd apporteerde hij al een propje. Dat vond ik helemaal geweldig en hij werd voor mij het leukste pupje uit het nest. Echter ik nam helemaal geen pup! Remy bleef als laatste over, maar op de leeftijd van bijna 6 weken werd ook voor hem een baas gevonden. Ik had het daar best moeilijk mee, want ik wilde hem eigenlijk mee naar huis nemen….
Toen gebeurde er eigenlijk voor mij een klein wondertje: de nieuwe baasjes van Remy zagen er toch vanaf om een hond te nemen. Dit vond ik natuurlijk helemaal niet zo erg. Erger was dat Remy’s moeder Lisa op de dag dat de puppen 7 weken werden, overleed t.g.v. een ontsteking. Ik heb toen met de fokker (en mijn ouders) een regeling getroffen, zodat het mogelijk was Remy in huis te nemen. De fokker had dan ook nog een afstammeling van haar Lisa in de buurt: Remy lijkt als twee druppels water op zijn moeder.
Overigens hebben de bovenstaande gebeurtenissen voor zijn naam gezorgd: I Am Lisa’s Son from Bonnie’s Clan.

Remy vond zoekwerk als pup al geweldig en ik vond dat ik daar wat mee moest doen. Zoals mijn trainer altijd zegt: je moet iets vinden wat de hond leuk vind, niet wat de baas graag zou willen. Nou staat kadaverzoeken mij niet tegen, maar ik denk wel dat hij gelijk heeft.
Ik had al met mijn labrador/golden kruising Emma een sorteerdiploma behaald bij Speurhonden Instructie School Beverwijk. Na het behalen van dit diploma gingen we verder met het kadaverzoeken. Met Emma was dit geen succes; konijnenkeutels waren veel interessanter.

Toen de eerste les volgde was Remy inmiddels al een jaar oud. Door omstandigheden was het helaas niet mogelijk om eerder te beginnen. Bovendien is het lastig om in de winter te speuren als je overdag werkt. Dit zorgt er dus allemaal voor dat het niet altijd mogelijk is om te trainen. Het verbaast mij dan ook hoe goed hij het doet.
De eerste les begon met een beetje apporteren van het buisje met lucht. Dat was geen probleem. Langzamerhand werd het buisje weggegooid waar hij het niet meer kon zien.
Dit waren de eerste stappen.

Momenteel heb ik met hem ongeveer 15 lessen achter de rug en hebben we leren revieren. Revieren is het in vlakken verdelen van een af te zoeken gedeelte, waarna dit stuk voor stuk zigzaggend doorzocht wordt.
Nu wordt het voorwerp uit zicht verstopt en dienen Remy en ik het voorwerp te zoeken dmv revieren. Je doet dit overigens altijd tegen de wind in, omdat verwaaiing ervoor zorgt dat de hond sneller de lucht vangt. Dat is weer gunstig omdat lang zoeken de hond behoorlijk vermoeid.

foto1foto2De foto’s geven een gedeelte van een zoekactie weer. De koker met lucht lag in een boom. Op de eerste foto heeft Remy lucht gevangen en op de tweede foto vindt hij het.

We hebben nog een lange weg te gaan naar een eventueel examen, maar zolang Remy het nog leuk vindt, blijven we dit doen.
Wat ik het meest geweldige vind, is dat Remy heel goed werkt, maar ook op shows leuke resultaten heeft behaald. Verder is het natuurlijk gewoon de liefste, intelligentste en mooiste knuffelbeer, zegt een trotste eigenaar….

Kelly Stam

Meer informatie omtrent kadaverzoeken: www.speurhondeninstructieschool.nl

Artikel WIK-Zaandam


artikelwik

Labrador post


artikellabrador

Bloedhonden Mantrailing


CLEAN BOOT

Mantrailing = speuren op de man.

In Nederland wordt gewerkt met Bloedhonden in speurtuig aangelijnd en gevolgd door een "handler". In ons land is helaas onvoldoende terrein beschikbaar om met onaangelijnde honden te werken, terwijl het ook meestal niet toegestaan wordt.

bloedhondfotoBij dit speurwerk laat de "runner"(dat is degene die het spoor loopt), bij de vlag een "smeller"(dat is een kledingstuk)achter. Na verloop van tijd wordt de Bloedhond in staat gesteld lucht te nemen van de smeller. De Bloedhond heeft zo'n verfijnde neus dat hij vaak in hoog tempo het spoor volgt.
Door de snelheid schiet de hond soms door als de runner een scherpe bocht heeft gemaakt. Een goede Bloedhond merkt dit direkt, maakt dan een "cast". D.w.z. een cirkel om het punt waar hij het spoor verliet, komt in die cast de geur van de runner weer tegen en volgt het spoor. Door verwaaiing van de lucht van een runner loopt 'n Bloedhond het spoor meestal enkele meters van de lijzijde.Dus niet als met Herders, Bouviers e.d. volgens de voetsporen.
Een ervaren handler ziet aan zijn hond wanneer een cast nodig is en kan de hond daarbij helpen. Bloedhond en handler moeten een vast en hecht team zijn, vandaar dat veel oefening gewenst is.

De Nederlandse Bloedhonden Club = NBC houdt maandelijks speuroefeningen voor haar leden nabij Ede, Havelte en Oirschot/Budel.Na enige oefening kan desgewenst een Working Permit worden gehaald; een bewijs, afgegeven door een erkende keurmeester, dat de Bloedhond in staat is een spoor van 1 mijl lang en een half uur oud , feilloos te kunnen volgen. Met een dergelijke W.P. kan worden deelgenomen aan de speurwedstrijden (trials) die de NBC tweemaal per jaar (in het voor- en najaar) organiseert. Naast deze trials organiseert de NBC ook wedstrijden over oudere en langere sporen van 12 en 24 uren oud. Behalve het hobby matige speuren worden Bloedhonden ook ingezet bij het serieuze speurwerk; het opzoeken van vermiste personen. De NBC heeft een samenwerkingsverband met het Veterinair Reddingshonden Team, dat de inzet van de honden coördineert.
Voor meer informatie over het speuren met Bloedhonden kunt u kontakt opnemen met;

Marijke van der Wal: 0251-245122.

© copyright: Speurhonden Instructie School
© copyright foto: Marijke van der Wal

Neus beïnvloedt gedrag


Neus beïnvloedt gedrag

Het is al heel lang bekend dat het belangrijkste zintuig van de hond zijn reukvermogen is. De hond ziet, denkt en herinnert als het ware in geurbeelden. Het is dus niet zo vreemd als het klinkt dat het doelgericht inzetten van het reukorgaan een positief effect op diverse vormen van probleemgedrag kan hebben.

Cor Oldenburg is de oprichter en eigenaar van de Speurhonden Instructie School te Heemskerk. Hij houdt zich bezig met speuren en zoeken in al zijn facetten en daarnaast is hij gedragstherapeut voor probleemgevende honden. Volgens hem is in veel gevallen een tekort aan actie één van de aanleidingen tot probleemgedrag bij honden en vanuit dat standpunt ontsproot bij hem het idee om speuren en zoeken als onderdeel van gedragstherapie toe te gaan passen. Na enige jaren intensief experimenteren en onderzoeken kwam hij tot de opzienbarende conclusie dat een aantal problemen wel degelijk te verhelpen of in ieder geval flink te verbeteren zijn door middel van een op maat gesneden speurprogramma.

Het reukorgaan
De hondenneus is een klein wondertje, zeker als men het vergelijkt met ons eigen gebrekkige reukvermogen. Honden ruiken vele duizenden malen beter dan de mens en de organen die een hond in staat stellen geuren waar te nemen zijn dienovereenkomstig veel uitgebreider. Zowel het aantal reukcellen als het gebied in de hersenen waar de opgenomen lucht verwerkt wordt zijn vele malen groter dan bij ons. Honden worden doof en blind geboren en in die omstandigheden blijven ze de eerste weken van hun leven. Als ze erg oud worden kan het zijn dat het gehoor en het gezichtsvermogen afneemt of zelfs geheel verdwijnt. De hondenneus echter werkt vanaf de tweede dag na de geboorte en blijft continue doorwerken. Hij dient als voornaamst bron van informatie maar ook als richtingaanwijzer. Zodra een geur waargenomen wordt, zowel van voren als van opzij, is een hond binnen 0,1 seconde in staat te bepalen uit welke richting de geur vandaan komt. Dat is ook de reden dan een hondenneus vochtig moet zijn. Vergelijk het met een natte vinger omhoog houden om te zien uit welke hoek de wind waait. Die neus is dus van het hoogste belang voor een hond en dat gegeven mogen we beslist niet verwaarlozen.

Belemmeren
In de praktijk blijkt echter dat veel mensen het belang van het reukvermogen van de hond in zijn hoedanigheid van informatieverstrekker schromelijk onderschatten. Snuffelen wordt al gauw erg lastig of zelf vies gevonden. Het puppy dat een zeer interessant ruikend plekje heeft ontdekt wordt weggetrokken en de hond die met zijn neus uitgebreid een drol op informatie inspecteert wordt snel meegesleurd want dat is de smerigheid ten top. Vergelijk het maar eens met een mens die wel lekker mag gaan winkelen, maar eerst een blinddoek voorkrijgt en oordopjes in. De hond die op een volkomen honds geïnteresseerde zijn neus in een kruis drukt om een flinke snuif informatie op te nemen kan al helemaal de wind van voren krijgen, want dat vindt men gênant. Helaas wordt hiermee volkomen voorbij gegaan aan het feit dat de hond onderdrukt wordt in één van de meest elementaire vormen van zijn wezen. Zijn informatiestroom wordt geblokkeerd. Wij geven een onbekende een hand en stellen ons voor, honden besnuffelen elkaar en krijgen op die manier dezelfde informatie binnen. Ooit gedacht aan hoe een hond zich voelt als hij plompverloren een hand op zijn kop krijgt van een wildvreemde? Dat is waarschijnlijk nu juist voor hém weer het toppunt van onfatsoen. Honden verschillen nu eenmaal van mensen op allerlei vlakken.

Probleemgedrag
Juist door die verschillen kan er bij honden gedrag ontstaan wat door mensen als problematisch ervaren worden. Men spreekt dan over een hond met een probleem terwijl in de meeste gevallen de hond er zelf absoluut niet mee zit. Het zijn de mensen die een probleem hebben met het volkomen natuurlijke gedrag van een hond. Een deel van die hondenprobleem komt heel gewoon voort zijn afkomst. De wolf is een gespecialiseerd jager, die in roedels leeft en een uitgebreide sociale structuur en hiërarchie kent. Binnen die groep zijn er gespecialiseerde individuen, de één voor de bescherming, de ander als jachtspecialist en een derde als kindermeisje. Aan de top staat de leider, de zogenaamde Alpha, die de verschillende taken uitstekend weet te delegeren. Boven al staat het belang van de groep voorop. In een mens/hond verhouding zie je vaak dat er van een hond veel te weinig verwacht wordt. Hij hoeft niet meer op jacht, men heeft liever niet dat de hond initiatieven ontplooit en verwacht vaak dat de hond kalmpjes tien uur ligt te wachten tot de baas van zijn werk thuiskomt. Diep vanbinnen is die hond nog steeds diezelfde jager en sociale partner als duizenden jaren geleden. Noodgedwongen verwordt hij echter tot een hersenloze zombie, alles staat voor hem klaar en alles wat hij moet doen wordt hem voorgekauwd. Een groot aantal honden leert daarmee leven, een ander deel heeft hier echter volstrekt niet voldoende aan en gaat zijn eigen bezigheden zoeken; de probleemhond is geboren.

Mogelijkheden
Diverse vormen van probleemgedrag zijn te verbeteren door te appelleren aan het reukvermogen van de hond. Te denken valt aan hyperactiviteit en jagen maar ook diverse vormen van angst kunnen gebaat zijn door een intensief en aan de individuele hond aangepast speurprogramma. Jagerstypen zijn meestal honden die slecht volgen, ze lopen vaak te ver naar voren of trekken aan de lijn. Ten onrechte wordt dit soms voor dominantie aangezien; de hond zou de leiding overnemen. De roedelleider is echter lang niet altijd degene die voorop loopt, die weet zijn zaakjes te delegeren en zal in de juiste omstandigheden een ander het voortouw laten nemen. Voor dit type hond is G&G-training vaak niet voldoende omdat de baas hem dan steeds vertelt wat hij doen moet. Daardoor wordt hem geestelijk tekort gedaan. Datzelfde geldt eigenlijk voor de actievere sporten als bijvoorbeeld behendigheid. Er treedt wel een zekere lichamelijke vermoeidheid op, maar de geestelijke inspanning blijft uit. Door middel van speuren wordt geestelijke voldoening verkregen, een voorwaarde voor een rustige en tevreden hond. Tijdens het ruiken moet de hond zich zowel sterk concentreren als ogenblikkelijk de diverse geuren kunnen discrimineren. Niet alleen geeft dat de hersenen heel wat te doen, ook lichamelijke veranderingen vinden plaats. De ademhaling, die in rust circa 15 keer per minuut plaats vind, kan oplopen tot 200 keer per minuut, de hartslag stijgt iets, net als de lichaamstemperatuur. Er wordt dus een behoorlijke inspanning van de hond gevraagd. Speuren is teamwork tussen baas en hond. Men leert de hond ‘lezen’ (zijn taal verstaan) en baas en hond leren op elkaar te vertrouwen, waardoor de relatie baas/hond aanzienlijk verbetert. Tevens wordt een hond door zijn successen tijdens het speuren zelfstandiger. Hij leert dat zijn eigen concentratie in de praktijk succes oplevert en dat doet hij proefondervindelijk waardoor het een stuk beter beklijft. Door dat opgebouwde zelfvertrouwen kan bijvoorbeeld verlatingsangst of angst voor mensen of situaties een stuk verbeteren.

Niet zomaar
Toch is het niet zo dat met zomaar een stukje speurwerk alle problemen als sneeuw voor de zon verdwijnen. Niet elke vorm van speurtraining is voor iedere hond geschikt. Voor probleemhonden is het belangrijk dat er ‘in de praktijk’ gespeurd wordt. De gemiddelde speurprogramma’s uit de diverse hondensporten zijn minder geschikt. Tijdens het praktijkspeuren wordt de hond niet gecorrigeerd en er wordt hem zeer zeker niet verteld wat hij doen moet. Het maakt niet uit of hij met een wat hogere neus speurt of een hoek een paar meter overloopt, als hij zijn doel maar bereikt. Druk op de hond tijdens het speuren zorgt vaak dat hij er de brui aan geeft. Daarnaast moet gekeken worden met wat voor type hond men te maken heeft en uiteraard wat de problemen zijn. Honden die jagen op katten, konijnen of fietsers dienen getraind te worden door middel van passieve zoekspelletjes, waarbij een te zoeken voorwerp zonder dat de hond het ziet verstopt wordt. Door die honden om te zetten van de objecten waar ze oorspronkelijk achter aan gingen op menselijke geur en door de eindscore in het voordeel van de hond om te buigen krijgt men het ongewenste jagen beter onder controle. Hyperactievelingen zijn gebaat met sorteerwerk en pas in een later stadium speuren. Honden die de neiging hebben tot vernielen of die overal mee lopen te slepen moeten juist weer ingezet worden tijdens actieve zoekspelletjes waarbij de hond het voorwerp ziet verdwijnen. Onzekere honden moeten zeker in het begin snelle successen kunnen behalen om hun zelfvertrouwen en zelfstandigheid op te bouwen.

Voorkomen
Het mooiste blijft echter om probleemgedrag te voorkomen en daarbij kan speur- en zoekwerk als een preventief hulpmiddel gebruikt wordt. Pups zouden niet weggetrokken moeten worden tijdens hun gesnuffel, maar het gebruik van hun neus zou juist gestimuleerd moeten worden. Leer ze van jongsaf aan hun eten zelf op te zoeken. Dat kan door middel van het verstoppen van zijn voerbak maar ook door zijn brokken op diverse schoteltjes (later afgesloten bakjes, met gaatjes erin) in de tuin uit te strooien en het de hond bij elkaar te laten snuffelen. Iedere hond zou eigenlijk de gelegenheid moeten krijgen om te speuren. Het zit in zijn genen. Ruiken is voor hem wat kijken voor mensen is. Nog steeds is het een roofdier al hebben we hem aangepast aan onze behoeften. We kunnen de hond wel uit de jacht halen, maar de jacht zit nog steeds in de hond. En dat kunnen we tegen ons laten werken, maar we kunnen het ook in ons voordeel benutten.
Tevens leren we de hond beter te lezen, maar dan ook begrijpend te lezen.
Begrijp ik jou, begrijp jij mij.

Copyright: J.L. Schat